Voor kinderen van arbeidsongeschikten en gehandicapten
| |
jonger dan 6 jaar |
van 6 tot 11 jaar |
van 12 tot 18 jaar |
ouder dan 18 jaar |
| Eerste kind |
€ 181,81 |
€ 211,96 |
€ 227,87 |
€ 240,38 |
| Tweede kind |
€ 187,93 |
€ 218,08 |
€ 233,99 |
€ 246,5 |
| Vanaf het derde kind |
€ 244,53 |
€ 274,68 |
€ 290,59 |
€ 303,1 |
| Vanaf het derde kind in een eenoudergezin (sinds 1 mei 2007) |
€ 261,8 |
€ 291,95 |
€ 307,86 |
€ 320,37 |
Als het recht op de sociale toeslag ontstaat is er meteen recht
voor de rest van het lopende trimester en het trimester daarna.
Voor de volgende trimesters zijn februari, mei, augustus en november
referentiemaanden. Wie in een referentiemaand recht heeft op de
toeslag, heeft recht op de toeslag voor het lopende trimester en
voor het volgende trimester.
Een voorbeeld:
Vera, een alleenstaande moeder, is op 15 juli 6 maanden ziek. Juli
is de referentiemaand. Haar inkomen blijft onder het grensbedrag.
Zij heeft recht op kinderbijslag met de toeslag voor langdurig zieken
voor de maand augustus, te betalen in september. Ze behoudt dit
recht tot en met de maand december, te betalen in januari. November
is de volgende referentiemaand. Als Vera in die maand nog altijd
ziek is, behoudt ze haar recht op kinderbijslag met de toeslag tot
en met maart, enz.
De bedragen zijn van toepassing sinds
1 mei 2011.
Bereken zelf uw kinderbijslag.